Tentoonstelling ‘Luther’ in Utrecht geopend
toegevoegd op: vrijdag 22 september 2017
VNB-redacteur


Vandaag opent Museum Catharijneconvent zijn deuren voor de nieuwe tentoonstelling Luther. Het rijksmuseum voor religieuze kunst in Utrecht staat daarmee stil bij het feit dat Maarten Luther vijfhonderd jaar geleden de Reformatie in gang zette. Niet alleen de persoonlijkheid van deze Duitse kerkhervormer en zijn opvattingen staan centraal, ook wordt getoond hoe hij de nieuwe communicatiemiddelen van zijn tijd op intelligente wijze gebruikte om zijn ideeën te verspreiden.

Het Utrechts museum is erin geslaagd om in dit bijzondere herdenkingsjaar, waarin ook vele Duitse musea over Luther exposeren, tal van topstukken te tonen. Als eerste springt in het oog het portret van Luther uit 1546 van Lucas Cranach de Oudere, dat uit de eigen collectie komt. Een iets minder in het oog springend item maar minstens zo bijzonder is een uitgave van Erasmus’ Novum Testamentum uit 1527, afkomstig uit de Groningse Universiteitsbibliotheek. Het bijzondere aan deze studiebijbel is dat Luther het in de kantlijnen heeft volgeschreven met op- en aanmerkingen. Zo valt te lezen dat hij Erasmus soms prijst en dan weer ervan langs geeft: ‘Wat een gezwets’ en ‘Jij, schurk’.

Elke zaal van de expositieruimte heeft een bepaald thema, bijvoorbeeld: ‘Wie was Luther?’, ‘De 95 stellingen’, ‘Luthers pamfletten’, ‘Luther en muziek’, ‘De kracht van het beeld’ en ‘Spot en satire’. Vooral bij de twee laatste leert de bezoeker dat Luther en de lutheranen het niet alleen van het woord moesten hebben. Zij gebruikten ook spotprenten om hun standpunten instantaan voor het voetlicht te brengen. Zo zien we op een witte muur een aantal prenten geprojecteerd waar de paus van Rome wordt vergeleken met Jezus: de nederige Jezus wast zijn leerlingen de voeten, terwijl kardinalen de voeten van de paus kussen; Jezus rijdt op een ezel Jeruzalem binnen, de paus gaat in vol ornaat te paard; enzovoorts.

Zeker de moeite waard zijn de schitterende schilderijen uit de zestiende en zeventiende eeuw die protestantse leerstukken verbeelden. Het voornaamste item in deze zaal is ‘Jezus zegent de kinderen’ van Luthers vriend Lucas Cranach. Hij was de eerste die dit onderwerp met verf tot leven wekte. Daarmee leverde hij het ‘bewijs’ dat goede werken niet zaligmakend zijn maar de rechtvaardigende liefde van God. Kinderen hebben geen goede werken op hun conto staan, en toch worden ze door Jezus gezegend en daarmee gerechtvaardigd. Sola gratia dus, ‘alleen de genade’. De protestantse schilders wenden daartoe ook het onderwerp van ‘De overspelige vrouw’ aan: de vrouw die volgens de Wet moest worden gestenigd, wordt door Christus begenadigd.

Voordat Luther de brui gaf aan de katholieke kerktucht was hij augustijner eremiet. Strikt genomen was hij geen monnik, maar een mendicant oftewel een lid van een bedelorde. Wat Luthers lidmaatschap van deze orde precies inhield, is in het Catharijneconvent wat onderbelicht. Wel duidelijk wordt dat Luther al snel binnen zijn orde volgelingen kreeg. Zo wordt er een eeuwenoud geschrift getoond met daarin een kleurenprent van twee augustijnen op de brandstapel. Ze heten Sint-Henricus en Sint-Johannes; beiden hebben een aureool. In werkelijkheid handelt het hier niet om gecanoniseerde katholieke heiligen, maar om de eerste martelaren van het lutheranisme. Op 1 juli 1523, nog geen vier jaar na de publicatie van de 95 stellingen in Wittenberg, werden Hendrik Voes en Jan van Essen van het augustijner Sint-Andriesklooster van Antwerpen op de Grote Markt van Brussel verbrand als ketters. Hun dood was voor Luther de aanleiding tot het schrijven van zijn eerste lied: Ein neues Lied wir heben an.

Het is volgens Tanja Kootte, de samensteller van deze tentoonstelling de bedoeling dat de bezoeker voelt hoe dapper Luther moet zijn geweest. “Door de verspreiding van zijn denkbeelden was hij in het Heilig Roomse Rijk persona non grata verklaard. Hij liep steeds gevaar door zijn vijanden overmeesterd te worden en alsnog op de brandstapel terecht te komen. Maar hij bleef ondanks alle gevaren volharden, omdat hij geen verraad wilde plegen aan zijn geweten.”

Luther blijft te zien tot en met 28 januari 2018.

(Bron, KRO, 2017)