Fietsreis Lourdes en Santiago DAG 4 - HL1981

dinsdag 13 augustus 2019 | Wil van de Ven

Dinsdag 13-08-2019
Dun-sur-Meuse - Châlons-en-Champagne 110km

De sponsorfietsbedevaart naar Lourdes over de “Oude wegen”

Gisteravond hebben we buitenshuis gegeten. Het hotel heeft geen restaurant accommodatie en dat is ook het enige wat gemist wordt. Alle andere faciliteiten voor een goede overnachting zijn hier optimaal aanwezig. Veel eisend zijn we niet: een goed bed en sanitaire voorzieningen, rust en een goed ontbijt. En dat is er, zeker ruim voldoende voor een stel vermoeide fietsende pelgrims.

Het ochtend ritueel begint er al behoorlijk ingeslepen uit te zien. Ieder kent zo een beetje zijn taak en onder de leuze “schouder aan schouder” loopt het logistiek als een gesmeerd uurwerk.
Vandaag staat er een relatief makkelijke etappe op het programma. Met name relatief! Want dat begrip kan door ieder weer anders worden geïnterpreteerd. Maar voor de record: 110km naar Châlons-en-Champagne met 881 hoogtemeters. (Een rustdag volgens Ruud!)

We rijden al een paar dagen door het gebied dat zwaar geteisterd is geweest door de vreselijke Eerste Wereld Oorlog. Nergens in Frankrijk vind je zoveel kerkhoven als hier in deze streek. Honderduizenden soldaten liggen hier op diverse kerkhoven begraven. Het slagveld van toen strekte zich uit van Ieper naar Bastogne in België tot aan Verdun hier in Frankrijk. Een doolhof aan loopgraven, in allerlei soorten, vormden het landschap. Loopgraven waarin gevochten en geleefd werd!
Overal vind je, te pas en oppas, herdenkingsmonumenten, van groot, groter, tot het grootst. Niets is de Fransman te veel geweest om die verschikking onder de aandacht te brengen. Het heeft een enorme impact gehad op de Franse bevolking, meer nog dan WO II.
Ook geallieerden, waaronder de Britten, hebben zowel in WO I als in WO II hier voor vrede en vrijheid gevochten. Met het dragen van een klaproos, een ‘poppy’ herdenken de Britten hun slachtoffers. Dankzij haar bloedrode blaadjes en zwarte kruisvormige binnenste is zij een toepasselijk symbool voor alle gesneuvelde soldaten. Het symbool komt voort uit het idee dat de plant groeide op plaats waar iemand was vermoord; de bloem zou het bloed van het slachtoffer hebben omgezet in die mooie rode kleur.

De opdracht van onze “pastor op afstand” Rob Lijesen luidt: ‘Lukt het jou om een ‘Poppy” te plukken, of te maken. Bevestig deze op je fiets.’ Hier bij wordt de vraag gesteld: waar is God in al het geweld in onze wereld? Hiermee worden wij vandaag op pad gestuurd.
Onze groep is nog maar nauwelijks onderweg of er wordt met man en macht al jacht gemaakt op dat tere bloempje. Ik plaats he tussen twee papiertje om het zo te drogen. Guus stopt er drie met wortel en al in zijn rugzak. Andere plaatsen de bloempje ergens op hun fiets.

Nog een beetje geschiedenis. De stad Bar-le-Duc ligt aan het begin van de weg naar Verdun. Vanaf Bar-le-Duc werden over de verbindingsweg nieuwe troepen en materieel aangevoerd en ontving het uit Verdun de slachtoffers, al dan niet levend, terug. Vele soldaten gingen naar het front. Hoe langer deze smerige oorlog duurde, hoe jonger de soldaten werden. Er wordt gesproken over 16 jaar en jonger .... Het waren eigenlijk niet meer dan jonge jongens gestoken in een militair uniform, met nul komma nul ervaring, laat staan opleiding. Bij aankomst in Verdun was hun broek van binnen bruiner dan van buiten. De angst en schrik waren in hun ogen te lezen. Vanuit de verhalen wisten zij wat hen te wachten stond, wat er ging gebeuren. Honderdduizenden zijn er dood, half dood en zwaar verminkt afgevoerd.
Elke weg in Frankrijk draagt een nummer. Kadestraal heeft deze weg van Bar-le-Duc naar Verdun het nummer N35. Maar dat nummer vind je nergens terug op deze weg. Echter elke hectometerpaaltje langs deze weg draagt een helm uit die tijd ter ere van de slachtoffers, maar het nummer ontbreekt. Heel toepasselijk draagt deze weg de naam Voie Sacrée : Gewijde weg!
Zo rijden wij van Hans naar Châlon-en-Champagne over de Voie Liberté, ook een duidelijke verwijzing naar de zwaar bevochte vrijheid.

Heel toevallig staan we bij de lunch bij een kerkje. Toevallig? De catering staat trouwens altijd bij een kerkje! Het kerkje is open ook! Hier krijgen we drie liederen te horen, gezongen door Margo en Titus. Hun laatste lied Dona Nobis Pacem is een mooie en toepasselijke verwijzing naar de opdracht van Rob. De liederen en de serene omgeving maken, in ieder geval op mij, een geweldige indruk.


Op weg naar de lunch kom ik door de plaats Varennes. Behoudens het feit dat ik hier op mijn voettocht naar Santiago in 2008 mijn handschoenen heb verloren en vanaf die dag ik met het alternatief van twee sokken verder ben gegaan, staat hier ook een gedenkteken van een ander gebeuren, nl: dat Lodewijk XIV en Marie Antoinette hier gearresteerd zijn na hun vlucht uit Parijs bij het uitbreken van de Franse Revolutie. Met het bekende vervolg op die arrestatie op de Place de la Bastille in Parijs, waar zij uiteindelijk, na een dubieus proces, beide door de guillotine zijn onthoofd.

Genoeg geschiedenis! In ieder geval ook genoeg geschiedenis voor de muis die ik plotseling op de weg naast mijn wiel gewaar word. Waarschijnlijk schrikt hij, of van mijn wiel of van mij, maar hij springt op en belandt tussen de spaken van het draaiend wiel. Hij draait, in spreidstand, nog een rondje mee, om dan in een sierlijk boog en een salto in de berm terecht te komen: morsdood! Jammer voor de muis, maar wel spectaculair.

In een warme middag zon genieten we van onze theepauze. De druk is van de ketel; de tocht is voorspoedig verlopen, er is lekker gefietst op een niet een al te vervelend parcours en nog maar 23 kilometertjes voor de boeg en de etappe zit erop. Dat geeft ons in het hotel nu een zee van tijd om ons nu eens rustig op het diner voor te bereiden en dingetjes te doen waar we de de laatste drie dagen niet aan toe gekomen zijn.